Terug naar… 9 februari 1896

Het Handelsblad van vandaag bevat een stuk over een bacterie die in 2016 – ondanks de ontdekking van antibiotica – nog steeds schrikbarend vaak voorkomt:

Sedert eeuwen – misschien zoolang het menschdom bestaat – zit er eene bacterie in de lucht, die voortgaat op heillooze wijze haar invloed te doen gevoelen. Die bacterie heet achterdocht, verdachtmaking, verkettering, en geeft soms aanleiding tot ernstige epidemieën. In vorige eeuwen voerde men jarenlange godsdienstoorlogen: het zwaard moest uitmaken wie den Heer op de ware wijze diende. En nog vinden we tegenwoordig – men denke slechts aan de Armeniërs – iets dergelijks. Onze [VOC] schreef het liever aan den invloed der Mohammedaansche leerstellingen dan aan hare eigen handelingen toe, dat de inlanders tegen haar in verzet kwamen…

Bovengenoemde bacterie zorgt op dit moment in Europa voor een grote uitbraak van antisemitisme. Deze ziekte komt gelukkig weinig voor in ons land. Volgens de schrijver lijden wij echter aan een andere variant: Chineezenvrees of Chinophobie. Ik wist het niet, maar Chinese migranten (woonachtig in Nederlands-Indië) zijn blijkbaar weinig populair in 1896. De schrijver noemt een aantal vooroordelen op die bestaan over Chinezen: het zijn criminelen, ze planten zich te snel voort, ze pikken de banen van Europeanen in en ze zijn zedeloos.

Elk van deze vooroordelen wordt vervolgens ontkracht door de schrijver. Natuurlijk zijn er criminele Chinezen, zegt hij (ik ga er maar vanuit dat de schrijver mannelijk is), maar het zijn er zo weinig dat het belachelijk is om alle Chinezen van Java te schoppen of ze het leven moeilijk te maken. Dan laat je namelijk de goeden onder de kwaden lijden. “[V]olg de antisemieten niet na in hun bedrijf, dat tegen de rechtvaardigheid en de vrijheid vloekt”, aldus de schrijver. Bovendien kun je criminaliteit beter tegengaan door meer toezicht te houden. Verder is het zo dat cijfers uitwijzen dat het aantal Chinezen helemaal niet zo snel toeneemt. Sterker nog: van alle bevolkingsgroepen in Nederlands-Indië groeit de Chinese het minst snel. Ook de bewering dat de Chinezen de banen van Europeanen inpikken is overdreven. En mocht dat wel zo zijn: een beetje concurrentie op de arbeidsmarkt is toch goed? De schrijver heeft het volgende te melden over de zogenaamde zedeloosheid van de Chinezen:

we vertrouwen dat er ook vele brave Chineezen zullen zijn; en overigens zij de opmerking hier geplaatst dat de Hollanders, die in de XVIIe eeuw onze macht in Indië vestigden, ook niet uitmuntten in hooge zedelijkheid. Sprak Coen in zijn tijd niet van Batavia als van een groot tuchthuis?

Wij vinden het algemeen verwijt van zedeloosheid, aan eene gansche natie toegeworpen hoogst verdacht.

Bron

Terug naar… 7 februari 1896

De krant bericht over Dr. J. C. Mulhall uit St. Louis. Deze dokter, specialist in keelziektes, rookt al 25 jaar sigaretten en heeft daarover het volgende te melden:

Tot plaatselijk letsel, zegt dr. [Mulhall], zal het rooken van sigaretten, zooals dit gewoonlijk geschiedt, bij gezonde personen geen aanleiding geven, een onbeduidende keelaandoening uitgesloten. Wat het sigaretten-papier betreft, zoo zal de geringe hoeveelheid cellulose daarvan geen nadeel berokkenen.

Dr. M., die zich als verdediger opwerpt van eenige onjuiste aantijgingen in verband met het rooken van sigaretten, wijst tevens op het gevaar, dat in die gewoonte voor jongelieden ligt, voor wier zenuwstelsel het een scherp en dikwijls doodelijk vergif is. De raad, dien hij geeft, om niet voor het 21e jaar met rooken te beginnen, zal vreezen wij, niet veel ingang vinden.

Bron

Terug naar… 6 februari 1896

De heer Sassen heeft in de Eerste Kamer de noodklok geluid over de Nederlandse staatschuld. Die is namelijk veel te hoog. Volgens Sassen behoort Nederland samen met Portugal tot de landen die de hoogste staatsschuld hebben. “Het steinreiche Holland van vroeger behoort tot de legenden”, jammert hij.

Een uur later kwam de Minister van Financiën (Jacobus Petrus Sprenger van Eyk) al met een reactie. De Minister betoogde dat je ook moet kijken naar wat een land met dat geleende geld doet. Nederland heeft het geld namelijk gebruikt voor “groote werken” (bijvoorbeeld het aanleggen van spoorwegen). Kortom: we hebben het op een verstandige manier geïnvesteerd. Portugal heeft dat volgens de Minister niet gedaan en staat er daardoor slechter voor.

Het Handelsblad heeft aanvullende kritiek op het verhaal van Sassen. Nederland doet het namelijk qua schuldenlast helemaal niet zo beroerd. Argentinie, Australië, Uruguy, Frankrijk en Portugal hebben allemaal een hogere schuld per inwoner dan Nederland. Bovendien betalen we relatief weinig rente. Toch valt het niet te ontkennen dat de Nederlandse staatsschuld behoorlijk hoog is: 243 gulden per inwoner. Griekenland heeft bijvoorbeeld maar 159 gulden schuld per inwoner en de Verenigde Staten 40 gulden. Het is daarom goed dat Nederland zich nu aan het inspannen is om haar schuld af te lossen, vindt de krant.

In een ander bericht wordt duidelijk dat we wellicht meer lenen dan strikt noodzakelijk is: de staat loopt namelijk volgens de Minister van Financiën heel wat inkomsten mis doordat er gefraudeerd wordt bij de belastingaangiftes:

Er wordt schromelijk bij de aangifte voor de vermogensbelasting gefraudeerd. Zóó zelfs, dat de Minister verklaarde dat de opbrengst der vermogensbelasting geen maatstaf is van den rijkdom der natie. Immers “de treurige ondervinding had hem geleerd, dat er veel, zeer veel door te lage aangifte wordt ontdoken”.

De krant vindt al dit gefraudeer een grote schande en doet een moreel appèl op de Nederlandse bevolking:

Want zulk een onware aangifte is niet anders dan oneerlijkheid. Of men den Staat of een anderen schuldeischer te kort doet staat volkomen gelijk. Het is inderdaad treurig dat zoovele burgers dit nog niet inzien. Door minder belasting te betalen dan men verplicht is en weet verplicht te zijn, benadeelt men niet alleen den Staat, maar ook zijn medeburgers. Men dwingt zoodoende de Regeering de noodige middelen langs anderen weg zich te verschaffen. Dat wil zeggen: andere belastingen moeten dan geheven worden of kunnen niet worden verlaagd. Wie dus zijn vermogen te laag opgeeft besteelt zijn medeburgers.
Wanneer zal dit algemeen worden ingezien – en daarnaar ook gehandeld?

Bron

Terug naar… 4 februari 1896

De Amsterdamse voetbalclub R.A.P. heeft met 5-2 gewonnen van de Hilversumse club Victoria (beide amateurclubs; betaald voetbal bestond niet in 1896). Dit zegt niet zoveel over de kwaliteit van R.A.P., want het elftal van Victoria was incompleet. De krant heeft het volgende te melden over deze wedstrijd:

Er werd door R.A.P. nog al eens een kans verknoeid, vooral door te laat of onjuist schieten. Schröder, De Bordes en v. d. Linde waren verreweg de beste. Door de mannen van Victoria werd individueel goed gespeeld maar het ensemble was een dissonant. Vening Meinesz was als doelverdediger over ‘t algemeen wel de rechte man.

Een korte maar krachtige analyse. Kom daar nog maar ‘ns om! R.A.P. staat na deze wedstrijd op de derde plaats in de eerste-klasse competitie. H.V.V. en Sparta staan op respectievelijk plaats één en twee. H.V.V. heeft maar 2 punten meer dan Sparta, dus de krant sluit niet uit dat de winnaar van de competitie bepaald gaat worden via het doelgemiddelde. Het is trouwens opvallend dat voetbal in 1896 niet echt een populaire volkssport was:

Voetbalwedstrijden lokken nog niet veel publiek in Nederland en vooral niet als ze zoo ver van de bewoonde streken worden gehouden, ‘t Was naast het Oosterpark dus bijna in Siberië.

Bron